Agenda
Volg ons
Shared Space
 

Nieuwe rails en bielzen voor Loc 94

De blikvanger van Gennep tegenover het busstation krijgt volgende week nieuwe rails en nieuwe bielzen. Na 40 jaar zijn de houten bielzen onder de imposante loc zo verrot dat vervanging niet langer kan wachten. Vier dagen duurt de hele operatie die maandag 30 april van start gaat.

 

 

Door Frans Thonen

 

 

Loc 94

 

 

Al circa 40 jaar verwijst de 80 ton wegende locomotief bij de rotonde naar het roemruchte spoorwegverleden van Gennep. Deze uit Duitsland afkomstige locomotief is toentertijd met steun van de gemeente Gennep en veel kunst en vliegwerk door de werkgroep Lok 94 naar Gennep gehaald. Staand op een verhoging langs de Brabantweg herinnert deze stoomloc aan de Noord – Brabantsch – Duitsche Spoorwegmaatschappij (NBDS) die van 1870 tot 1950 een belangrijke stempel op de ontwikkeling van Gennep heeft gedrukt.

 

 

 

 

Vorig jaar tijdens de open monumentendagen bemerkte Lok 94 werkgroeplid Ben Vos de slechte toestand van de bielzen onder de loc.

 

 

Na contact opgenomen te hebben met de gemeente is er snel een plan gemaakt om de rails met bielzen te vervangen. Tevens wordt het grindbed vernieuwd, de verlichting op de locomotief gerepareerd en de aanstraalverlichting voorzien van led-lampen.

 

 

Een klus die maandag 30 april van start gaat. Om de klus te klaren wordt geen gebruik gemaakt van mammoetkranen maar van verplaatsbare vijzels. Eerst worden aan de voor- en achterzijde van de loc een balk geplaatst, waarna vijzels het zwarte gevaarte een aantal centimeters omhoog krikken. Vervolgens wordt de 80 tonner zo’n 20 meter naar achteren geschoven. Daarna kan met een kraan de oude rails met de bielzen worden weggehaald en de nieuwe geplaatst.

 

 

Rails en bielzen vormen een geheel.

 

 

Zegt Albert van Megen.

 

 

De loc wordt ook meteen weer recht gezet. Het valt niet meteen op maar als je goed kijkt zie je dat de loc door de tijd wat scheef is weggezakt.

 

 

De hele operatie kost de gemeente Gennep zo’n 30.000 euro. Een deel hiervan betaalt de provincie Limburg.

 

 

Hierna kan dit gemeentelijke monument zeker weer zo’n 40 jaar mee!

 

 

Zo is de overtuiging van Ben Vos en Albert van Megen.

 

 

 

 

Reacties