Er hangt altijd iets plechtigs rond verkiezingen. Alsof je, gewapend met een rood potlood en een jas die eigenlijk te dun is voor maart, een historisch offer brengt voor de democratie. Alsof jij persoonlijk voorkomt dat de beschaving instort door om kwart voor negen nog even een buurthuis binnen te schuifelen.
Dat is natuurlijk onzin.
De meeste mensen die gaan stemmen, weten namelijk helemaal niet waarop. Die hebben ergens een folder gezien, een kop gelezen, twee keer “betaalbaar wonen” gehoord en denken dan: nou, dat voelt wel lekker.
Ze hebben in de stemwijzer gezien dat er een coffeeshop mag komen. Niet dat dat hier speelt, maar het klinkt gezellig.
Vervolgens kleuren ze iets in en wandelen voldaan naar buiten alsof ze net eigenhandig de rechtsstaat hebben gered.
Ondertussen weten ze niet eens wie er in de raad zit, wat de gemeente doet, wat het verschil is tussen een motie en een amendement, en bij het woord bestemmingsplan beginnen ze spontaan naar het plafond te staren.
En precies die mensen voelen zich vaak het meest geroepen. Want ze hebben geleerd: als je niet stemt, mag je ook niet zeuren. En klagen is natuurlijk een nog groter grondrecht dan stemmen, dus dan moet je wel.
Thuisblijven
Je hebt geen idee, maar wel een mening. Dat geldt in Nederland inmiddels ook bijna als een verworvenheid. Sterker nog, hoe minder iemand weet, hoe stelliger het geluid vaak wordt. Dan krijg je zinnen als:
“Ik stem altijd op gevoel.”
Alsof we een geurkaars uitkiezen. Of: “Ze zijn allemaal hetzelfde.” Nee, Truus, ze zijn niet allemaal hetzelfde. Jij hebt al zes jaar geen tekst gelezen die langer was dan een kop boven een Facebookbericht van je neef uit Horst aan de Maas.
Er wordt altijd gezegd dat iedereen moet stemmen. Dat het je plicht is. Dat vrouwen ervoor hebben gevochten, dat mensen in dictaturen er alleen maar van kunnen dromen, dat je dankbaar moet zijn. Allemaal waar. Maar uit het feit dat je mĂĄg stemmen volgt nog niet dat je dat ook per se moet doen terwijl je er niks van begrijpt.
Dat je iets mĂĄg doen, wil nog niet zeggen dat je er ook geschikt voor bent.
De democratie is niet automatisch gediend met mensen die blanco het hokje in wandelen omdat ze vinden dat het nou eenmaal hoort. Alsof onwetendheid ineens iets nobels wordt zodra er een stembus in de buurt staat. Dat is het niet. Het blijft gewoon onwetendheid, maar dan in een wijkcentrum.
Zelfkennis
Er zijn mensen die zich verdiepen. Die programma’s lezen. Die debatten volgen. Die zich afvragen wat partijen echt willen met wonen, zorg, verkeer, sport, belasting, opvang, veiligheid en al die onderwerpen waar de gemeente wel degelijk over gaat. Prima. Graag zelfs. Stem vooral.
Maar als je het allemaal niet gevolgd hebt, geen flauw idee hebt wie die mensen zijn en ook niet van plan bent daar nog iets aan te doen, blijf dan gewoon thuis. Dat is geen schande. Dat is zelfkennis. Een zwaar onderschatte kwaliteit.
Je hoeft niet overal aan mee te doen. Je hoeft niet uit gewoonte een stembureau binnen te lopen omdat er posters hangen en iemand op televisie zei dat jouw stem telt.
Natuurlijk telt jouw stem. Dat is juist het probleem.
De romantiek rond stemmen is sowieso wat overdreven. Alsof de gemiddelde kiezer na weken van studie tot een gewogen oordeel komt. In werkelijkheid kiezen veel mensen op basis van een aardige lijsttrekker, een boos gevoel in de onderbuik of omdat een partij toevallig “gewoon doet wat nodig is”, “samen vooruit”, “bouwen” of “eerlijk en lokaal” op een flyer heeft gezet.
Dan ben je dus niet bezig met democratie. Dan reageer je op slogans als een labrador op een koekje.
En daarna zie je ze vier jaar lang nergens meer terug. Tot ze bij de volgende verkiezingen weer komen uitleggen dat “de politiek” er een puinhoop van heeft gemaakt. Alsof zij daar niet zelf met gesloten ogen aan hebben meegewerkt.
Mag gewoon
Niet stemmen wordt vaak weggezet als luiheid, desinteresse of protest. Soms is het gewoon de verstandigste optie. Soms is iemand die thuisblijft eerlijker dan iemand die op goed geluk maar wat aankruist omdat zijn buurman ook gaat.
Dus nee, niet iedereen moet koste wat kost stemmen.
Alleen mensen die ongeveer weten waar ze het over hebben. De rest kan beter thuisblijven. Kop koffie erbij, gordijn opzij, beetje uit het raam staren, en dan mopperen op wat er van het land geworden is. Mag gewoon.
Dwarsliggert







































