In Limburg zit uitval van stroom en drinkwater veel inwoners dwars. Uit onderzoek van Invior blijkt dat 55 procent zich vooral zorgen maakt over langdurige stroomuitval. Drinkwater volgt met 32 procent.
Die zorgen gaan niet alleen over een lege koelkast of een koude douche. Veel mensen denken vooral aan de chaos die ontstaat als basisvoorzieningen tegelijk onder druk komen te staan.
Uitval
De grootste zorg zit in de gevolgen voor de samenleving. Zeven op de tien ondervraagden verwachten dat de impact van zoân noodsituatie groot is. Meer dan de helft denkt dat de samenleving daar niet goed op voorbereid is.
Martin Vries, adviseur crisisbeheersing bij Veiligheidsregio Zuid-Limburg, zegt:
âDe risicoâs waar inwoners zich het meeste zorgen over maken, staan ook hoog in ons provinciaal risicoprofiel.â
Een kleinere groep kijkt eerst naar het eigen huishouden. Bij 24 procent zit de onrust vooral in de vraag of thuis wel genoeg klaarstaat als het echt misgaat. Dat verschil valt op. De zorg zit vaker in het grotere geheel dan in de eigen voorbereiding.
Onderzoek
Invior voerde het onderzoek in november 2025 uit in opdracht van Veiligheidsregio Limburg-Noord en Veiligheidsregio Zuid-Limburg. In totaal vulden 5528 inwoners uit Limburg de vragenlijst volledig in. Daarvan kwamen 2526 reacties uit Noord- en Midden-Limburg en 3002 uit Zuid-Limburg.
De veiligheidsregioâs zien in de uitkomsten themaâs terug die al langer spelen, zoals problemen met stroom, water, data en telecom. Binnen Netwerk Vitaal Limburg werken partijen aan scenarioâs voor grootschalige uitval van dit soort voorzieningen.
Voorbereiding
De cijfers over voorbereiding blijven achter. Bij 58 procent is het noodpakket deels compleet. Slechts 21 procent zegt dat alles klaar ligt. Twaalf procent wil het nog regelen en 8 procent is dat niet van plan.
Bij noodplannen is het beeld vergelijkbaar. Iets meer dan de helft bespreekt thuis ten minste één onderdeel van zoân plan. Inwoners noemen afspraken over watervoorraad, voedselvoorraad, stroomuitval, onderlinge communicatie en informatievoorziening als belangrijkste punten.
Regie
De veiligheidsregioâs wijzen erop dat inwoners zich bij een crisis minimaal 72 uur zelf moeten kunnen redden. Jeroen Hendrikx, beleidsadviseur crisisbeheersing bij Veiligheidsregio Limburg-Noord, zegt:
âWe stimuleren mensen om een noodpakket in huis te halen en een gezinsnoodplan te maken.â
Wie pas nadenkt bij uitval, loopt achter de feiten aan.







































