Je hoeft geen politieke junkie te zijn om te zien hoe de wind waait in de gemeentehuizen van Nederland. Het is bijna aandoenlijk om te zien hoe lokale wethouders in gemeenten als Gennep moord en brand schreeuwen over het naderende ‘ravijnjaar’.
Ja, dat is het jaar waarin de bezuinigingsslag van het Rijk — je weet wel, die van hun eigen partijen — de gemeenten drie miljard euro door de neus boort.
Het is alsof je je eigen huis in de fik steekt en dan verontwaardigd de brandweer belt.
De landelijke politiek heeft bedacht dat gemeenten vanaf 2026 jaarlijks drie miljard euro minder krijgen. Gewoon, omdat het kan. De redenen zijn vast omfloerst met economisch jargon en begrotingstechnisch geneuzel, maar de kern is simpel: bezuinigen op de lokale overheid om de landelijke cijfers wat mooier te maken.
En dan hebben we dus diezelfde VVD- en CDA’ers op lokaal niveau die met betraande ogen en trillende lippen verkondigen dat de voorzieningen in gevaar zijn. Kijk, dat is theater van de bovenste plank.
Neem de gemeente Gennep, waar het CDA de grootste partij is. Wethouders van zowel de VVD als het CDA lopen daar rond met grafgezichten, klaagzangen over de toekomst van het zwembad en het multifunctionele accommodatie (MFA) in Ottersum.
De schijnheiligheid druipt er vanaf. Het is alsof ze vergeten zijn dat hun partijgenoten in Den Haag de architecten zijn van deze financiële afgrond. Misschien hopen ze dat we met zijn allen last hebben van collectief geheugenverlies. Helaas, zo werkt het niet.
De landelijke partijen willen zo nodig de staatskas spekken, terwijl de lokale bestuurders met lege handen staan als het gaat om de uitvoering van cruciale taken. Ze moeten bezuinigen op alles wat belangrijk is: jeugdzorg, maatschappelijke projecten, infrastructuur.
De ene hand sloopt wat de andere probeert op te bouwen.
En wie is zoals altijd weer de dupe? Juist, de inwoners. Die zien hun voorzieningen verdwijnen terwijl politici iedereen de schuld blijven geven, behalve zichzelf.
Het meest stuitende is misschien nog wel hoe wethouders proberen te doen alsof het glas half vol is. Je hoort ze praten over ‘kansen’ en ‘uitdagingen’, net zo schijnpositief als we dat kennen van Mark Rutte.
Ze volgen het voorbeeld van hun landelijke leiders tot in de puntjes. Maar ondertussen weten ze dondersgoed dat het zwembad en het MFA in Ottersum het zwaar te verduren krijgen.
De VNG, de club van gemeenten, gaf het advies om een niet-sluitende begroting in te dienen. Een wanhoopsdaad, bijna rebels. Een oorlogsverklaring aan de onzinnige bezuinigingen van het Rijk. Een duidelijk signaal: we pikken het niet meer. Maar in plaats van daadkrachtig optreden, blijven veel lokale politici gevangen in hun partijbelangen.
Dezelfde VVD- en CDA-wethouders die de noodklok luiden, zouden beter moeten weten. Zij zouden hun partijgenoten in Den Haag aan moeten pakken in plaats van krokodillentranen te huilen op lokaal niveau.
Dus, beste bestuurders in Gennep, houd eens op met dat hypocriete toneelspel. Wees eerlijk tegen je kiezers en tegen jezelf. Geef toe dat jullie partijen op landelijk niveau een financiële afgrond voor de gemeenten hebben gecreëerd.
En als je echt om je inwoners geeft, stap dan uit die partijkooi en vecht voor wat juist is. Misschien, heel misschien, zullen we dan nog een sprankje respect voor jullie kunnen opbrengen.
Tot die tijd blijft het een zielige vertoning van politieke schijnheiligheid.
Dwarsliggert







































